Posts tonen met het label Atria. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Atria. Alle posts tonen

dinsdag 14 april 2020

40. een vrouwenberoep (2)

40
D E    E M M A S T R A A T    F I L E S 

opkomst en ondergang van de RKOLB





40. een vrouwenberoep (2)


seksescheiding

Uit het voorgaande (zie met name aflevering 39) is gebleken dat een eeuw terug een specifiek beroep óf geschikt werd gevonden voor mannen, óf voor vrouwen. Mannen en vrouwen hadden immers duidelijk van elkaar te onderscheiden kwaliteiten. Als gevolg hiervan bestond er een scherpe seksescheiding op de werkvloer.  
Hoe zat dat met bibliotheken? Aanvankelijk werkten daar vrijwel louter mannen, maar dat zou in twintig jaar tijd sterk gaan veranderen. De eerste decennia van de 20e eeuw werd met name het openbare bibliotheekwerk geleidelijk de kant van vrouwenwerk op geframed, totdat niemand meer beter wist.

goocheltruc

Toen de RKOLB in 1930 van start ging, kwamen er dan ook louter vrouwen te werken. Op het Bestuur na uiteraard, u begrijpt inmiddels waarom. Ook in het vaktijdschrift Bibliotheekleven zien we tussen de lijsten van afgestudeerden geen enkele man staan. 
Dat framen leek wel een goocheltruc. De basis van die truc was dat er allerlei typisch vrouwelijke eigenschappen zouden bestaan die maakten dat vrouwen gewoon geknipt waren voor werken in de bieb.

Vrouwelijke eigenschappen die in de jaren '10 en '20 in dit verband werden genoemd: zin voor orde, netheid, tact, bescheidenheid, een mooi handschrift, een goed geheugen, nauwkeurigheid, geduld, empathie, beleefdheid, een prettig humeur, oog hebben voor detail, in staat zijn om monotoon werk te verrichten zonder in slaap te vallen. Dat laatste was beslist een belangrijke kwaliteit om een kaartcatalogussysteem op orde te kunnen houden. Alleen vrouwen konden dit.


De vrouw, de vrouwenbeweging en het vrouwenvraagstuk, 1918 (foto: boekwinkeltjes.nl)
Het strekte als vanzelf tot een voordeel voor vrouwen dat zij een aangeboren neiging tot verzorging hadden. Als men de leeszalen binnentreedt, kunnen we lezen in het tweedelige handboek De vrouw, de vrouwenbeweging en het vrouwenvraagstuk uit 1914-1918, merkt men alras aan de vriendelijke omgeving, dat een vrouwenhand den scepter zwaait: de meubels goed schoongemaakt, de lokalen frisch geventileerd, de tafels met bloemen getooid en de wanden met platen versierd, het alles verraadt de vrouwelijke zorgen. 

Nee, daar moet je tegenwoordig niet meer mee aankomen, met dat verhaal over vrouwelijke zorgen. Maar het ging nog verder: aangezien een bibliothecaresse een ongetrouwd wezen was, kon zij in haar werk tóch haar moederlijke ei kwijt, en, zo was de opvatting, nog het meest in de omgang met kinderen.


ondergeschoffeld

Het hoeft geen betoog dat daarentegen het hogere bibliotheekwerk niet voor vrouwen was weggelegd. Leiding geven en dingen organiseren paste toch meer bij het wezen van de man. Ook op intellectueel gebied schoot de vrouw tekort. Om over politiek nog maar te zwijgen: alleen een man kon genoeg autoriteit hebben om er bijvoorbeeld in onderhandelingen met de Gemeente niet te worden ondergeschoffeld.
Bovenstaande uitspraken werden opgetekend uit de monden van onder andere E.J. van Beresteyn en P.A.L. Snouck Hurgronje. Beiden vooruitstrevende lieden. Een tijdsbeeld, dus.


P.A.L. ("Nel") Snouck Hurgronje (1875-1959)


E ("Eeltjo") Beresteyn (1876-1948)
shredder

Er klonken - gelukkig, zouden we nu stiekem zeggen - ook dissidente geluiden. De nog zeer jonge Leo van Baer, bibliothecaresse in Den Bosch en later directrice, schreef in Bibliotheekleven van 1930 een stuk getiteld Het leeszaalwerk... een specifiek vrouwelijk beroep?
Dat briljante retorische vraagteken zet die titel geheel op losse schroeven. En inderdaad, de visie dat vrouwen door hun aard zo perfect geschikt waren voor bibliotheekwerk, ging in vijf pagina's meedogenloos door de shredder. Zo constateert Van Baer dat beroepen als dienstmeisje, huishoudster, naaister én bibliothecaresse vanwege hun verzorgende karakter als typisch vrouwelijk worden gezien. Maar waarom dan niet het beroep van kok en dat van de damestailleur: waarom zijn dat dan weer beroepen die door mannen worden uitgeoefend?


de incomplete vrouw

Leo gaat pas echt los als ze het breed gedragen standpunt ter sprake brengt dat een ongetrouwde en dus incomplete vrouw haar behoefte aan moederschap zo goed kwijt zou kunnen in dat vrouwelijke beroep:


Leo van Baer: Het leeszaalwerk... een typisch vrouwelijk beroep? 1930 (Delpher)
en:


Leo van Baer: Het leeszaalwerk... een typisch vrouwelijk beroep? 1930 (Delpher)
De discussie over de vraag in hoeverre bibliotheekwerk typisch vrouwenwerk is, blijkt in de praktijk onlosmakelijk verbonden met de vraag over wat de juiste salariëring is. Ook hier gaat Van Baer recht op haar doel af:


Leo van Baer: Het leeszaalwerk... een typisch vrouwelijk beroep? 1930 (Delpher)
En dus:


Leo van Baer: Het leeszaalwerk... een typisch vrouwelijk beroep? 1930 (Delpher)
Een man werkte immers om zijn gezin te onderhouden, terwijl het werk van een vrouw op zijn best werd beschouwd als een bijverdienste. Of in ieder geval had zij in haar ongetrouwde situatie geen behoefte aan een volledig salaris. Wat tevens de reden was dat zij ook nog eens minder voor hetzelfde soort werk werd betaald als een man.
Het is hier goed om je te realiseren dat het de ongeschreven regel was dat een vrouw die trouwde, haar baan opgaf.
De kip - ei-kwestie: gingen er alleen vrouwen in de OLB werken omdat het zo beroerd betaalde, of betaalde het zo beroerd omdat er alleen maar vrouwen werkten?

Mocht iemand nog hebben gedacht dat vrouwen niet logisch konden denken, dan zal Leo's  conclusie daar wellicht verandering in hebben gebracht:

Leo van Baer: Het leeszaalwerk... een typisch vrouwelijk beroep? 1930 (Delpher)
Is het niet ironisch dat drie jaar voordat Leo bovenstaande woorden schreef, deze heldere geest nog was geroemd om haar typisch vrouwelijk geachte kwaliteiten, te weten nauwkeurigheid en ijver?


uit Handelingen... Kunst en Wetenschappen in Noord-Brabant, 1929 (Delpher)


vuilnisman

P.V. de Wit (foto: Librariana)



Tot slot een kort stuk van P.V. de Wit, eveneens in een nummer van Bibliotheekblad 1930, dat dezelfde geest ademt. De Wit was op dat moment directeur van de OLB Haarlem-Blaricum. Een geweldig uitnodigende kop pakt de lezer bij de lurven: Van een O.L.B-assistente en een vuilnisman. 


Die argeloze lezer denkt misschien eerst dat hij het verkeerde tijdschrift heeft gepakt: het artikel begint met een uitwijding over de boosheid van een Gemeenteraadslid van Laren over het lage salaris van een vuilnisman. Heel slim haakt De Wit, zelf Larenaar, hier vervolgens op in: moet je je daar over opwinden? Bibliotheekpersoneel verdient nog niet de helft van wat een vuilnisman verdient, weet je dat wel! Het feit dat er aan werken in de bibliotheek ook nog een vakopleiding van minstens twee jaar vooraf is gegaan,maakt het nóg schrijnender, aldus De Wit.

En passant trekt hij een conclusie die nog verdere nuance geeft aan het betoog van Leo van Baer:


Van een O.L.B.-assistente en een vuilnisman, 1930 (Delpher)

De volgende keer gaan we proberen om een schriftelijk verzoek aan het bestuur van de RKOLB te duiden.


Ook voor deze aflevering is het artikel Juffrouw bits : Denkbeelden in Nederland over de (on)geschiktheid van vrouwen voor het bibliotheekberoep: 1900-1940, van Marjolein Nieboer, bijzonder nuttig geweest. Het stond in het tijdschrift Open, 1993-9.



=O=O=O=O=O=O=O=O=O=O=O=O=


Stijn Fens in Trouw over De Emmastraat Files:

"Prachtige geschiedschrijving. Achteruitdenken en voorzichtig omwoelen tot je meer weet."

Lees Stijns hele tot nadenken stemmende column, over het belang van de tijd nemen voor dingen, hier.

Artikel van Wim Keizer in Bibliotheekblad over De Emmastraat Files:

hier (pdf).

extra service:

Wilt u nieuwe afleveringen voortaan per mail ontvangen? Dat kan heel simpel. Zet in het vak bijna helemaal bovenaan deze pagina, waar nu Email address... staat, uw emailadres.
Staat dat vak er niet? Doe het dan even op een pc/laptop. Op sommige telefoons valt het weg.

Druk nu op de knop Submit rechts, en bevestig het bevestigingsmailtje wat er vervolgens in uw mailbox valt. Dat is alles!



Volgende keer: 41. Zeer Geacht Bestuur. Hier.
Vorige keer: 39. Een vrouwenberoep (1). Hier.

dinsdag 4 februari 2020

31. Waarom wij werken

31
D E    E M M A S T R A A T    F I L E S 

opkomst en ondergang van de RKOLB





31. Waarom wij werken

Het was een prachtige ontdekking dat een van de heldinnen van de Emmastraat Files, Bep Damen, tijdens haar middelbare schooltijd al carriere had gemaakt als redactrice van het schoolblad Knoppen. Daarmee werd zij een schakel tussen twee Amsterdamse katholieke bolwerken van de jaren 30: de RK HBS voor Meisjes (het latere Fons Vitae) en de RKOLB. 
Zelfs toen in 1921 de school was afgerond bleef ze nog een tijdje actief in de redactie. Gedurende haar twee jaar als redactrice schreef ze één stuk, het uitzonderlijk saaie verhaaltje over pratende zaadjes. Lees aflevering 21. 

Maar het bleef niet bij die ontdekking. Stug jaargang na jaargang van Knoppen doorbladerend in Atria in de Vijzelstraat stuitte ik op nóg een stuk van Bep. Niks bijzonders, ware het niet dat het in een nummer van 1934 stond. Ze was toen al dertien jaar van school af, en inmiddels drie jaar directrice van de RKOLB. Het stuk heette Waarom wij werken. 
Waarom produceert iemand zoveel jaar na dato nog een schrijfsel naar de oude schoolkrant? Dit keer was het dan ook geen verhaaltje. Het was een oproep, een waarschuwing zelfs.


De Sleutelbos


Bep Damen:  begin van Waarom wij werken. Knoppen, 1934 (Atria/Delpher)

1934, hartje crisis. De werkloosheid was groot. Van alle kanten werd er druk op werkende vrouwen uitgeoefend om hun baan af te staan aan mannen. De meeste vrouwen die werkten waren ongetrouwd, weten we sinds de vorige aflevering: een vrouw die trouwde werd geacht te stoppen met werken, om zich te richten op het gezin en op andere huiselijke zaken. Niettemin hadden ook vele getrouwde vrouwen een baan of een baantje, al dan niet om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen.

Bep maakt in Waarom wij werken op de onnadrukkelijke wijze die haar typeerde melding van een gelijknamige brochure. Deze was net uitgegeven door het vriendschapsverbond De Sleutelbos, bestaande uit Katholieke afgestudeerde vrouwen, zoals Bep het formuleert.

Wie waren die vrouwen?
De leden van De Sleutelbos hielden hun identiteit angstvallig geheim. Bep schrijft diplomatiek, alsof ze bovenop een reusachtig geheim zit, wat misschien ook wel zo was: .... verschijnt deze brochure zonder naam van een bepaalde schrijfster. 
We weten inmiddels dat De Sleutelbos bestond uit een klein groepje vrouwen. Zij vreesden om niet serieus te zullen worden genomen indien men erachter kwam dat ze maar met weinig waren, en nog vrouwen ook.

Agnes Nolte

Agnes Nolte, razend populaire docente geschiedenis aan het Fons Vitae en later een zeer actieve feministe, was een van de leden van De Sleutelbos. Geen leerling en vermoedelijk ook geen ouder zal op de hoogte zijn geweest van de buitenschoolse politieke activiteiten van de juf Geschiedenis. Zou Bep het wél hebben geweten? In dat geval heeft ze misschien wel op verzoek van Agnes zelf het stukje in Knoppen hebben geschreven. Óf zat ook Bep in het diepste geheim bij De Sleutelbos?

Agnes ging al vrij snel na haar aantreden in '26 behalve Geschiedenisles ook Staatsinrichting geven. Ook vond ze nog tijd om een rubriek in Knoppen te schrijven over de levens van groote Roomsche Vrouwen. Dat waren heerlijke, weidse, meeslepende verhalen, zoals deze, over de Heilige Lidwina van Schiedam. Zij zullen beslist de ontvankelijke meisjesharten op het Fons Vitae in hevige beroering hebben gebracht. De serie roept bij mij onwillekeurig associaties op met Els Kloek's 1001 vrouwen, een monumentaal werk dat een paar jaar terug is verschenen.


Agnes Nolte, docente geschiedenis aan het Fons Vitae
Zó heerlijk om te lezen zijn die inspirerende vertellingen van Agnes Nolte over dappere heldinnen die zichzelf standvastig opofferden, hierin gesterkt door God, dat het me moeite kost om terug te keren naar het onderwerp. Die brochure Waarom wij werken verscheen in een oplage van slechts honderd exemplaren. Hiervan werd de helft afgenomen. Beps stukje in Knoppen zal er mede toe hebben bijgedragen dat het boekje ondanks die maar vijftig verkochte exemplaren een rol ging spelen in de maatschappelijke discussie. Zal Agnes het in een van haar lessen Staatsinrichting hebben gebruikt als discussiestuk? Wat zal zij dan gegniffeld hebben.

het typisch vrouwelijke

Nu het stuk van Bep zelf. Eerst legt zij uit hoe en waar men aan de brochure kan komen. Daarna komt de inhoud:

Alles draaide om de actuele vraag: Wie heeft het meeste recht op werk: moet de vrouw haar plaats, die zij zich zoo moeizaam heeft veroverd heeft, weer niet afstaan?
[....] In dit boekje wordt getracht de waarde en de beteekenis van werk en beroep voor vrouwen en meisjes naar hun juiste waarde te schatten. Hoe de vrouw gekomen is om zich, wat haar arbeidsprestaties betreft met den man te meten.
[....]
Moeten de vrouwen terug tot hun eigenlijke bestemming, het huwelijk, en is daarom het typisch vrouwelijke, dat bij vele beroepen verloren is gegaan, weer meer verzorgen en ontwikkelen?

De afgelopen maanden hebben we Bep een klein beetje leren kennen. Ze opereert altijd behoedzaam, ze neemt nooit heel duidelijk openlijk stelling. Zo ook hier. Keurig vat ze de brochure samen, maar laat de lezer zelf haar conclusies trekken. Dit zijn de laatste alinea's:

laatste alinea's uit  Bep's artikel over de brochure "Waarom wij werken", 1934, Knoppen (Delpher)
Geen opwindend proza, maar het staat als een huis.

Het gangbare standpunt was dat het een zaak van moraal was dat een vrouw die trouwde, stopte met werken: zij was nodig om haar gezinstaken te vervullen, en die waren onverenigbaar met betaald werk. Vergis u niet, dat was ook het standpunt van De Sleutelbos, maar het valt de lezer van 2020 wellicht op dat Bep hierover zwijgt.
Zeker is dat het onderwerp Bep aan het hart ging. Ze besefte dat de maatschappijvisie op de werkende vrouw dreigde terug te kantelen richting aanrecht. Daarom haar waarschuwing: Meiden, ontwikkel jezelf en combineer in een betrekking de twee behoeftes om jezelf nog verder te ontwikkelen én je dienstbaar te maken aan de maatschappij!
Uiteraard was haar boodschap in de eerste plaats gericht aan een relatief bevoorrechte klasse: in de lagere sociale klassen zullen de prioriteiten anders hebben gelegen.

Het hele stuk van Bep (ruim 1 pagina) Waarom wij werken staat hier.


Samen sterk

Bep moet zich goed gerealiseerd hebben dat het gevaar vooral dreigde van binnen de eigen rooms-katholieke zuil.
De grootste katholieke partij, de Roomsch-Katholieke Staatspartij (voorloper van de KVP) had kort voordat Bep haar stuk naar Knoppen stuurde voorgesteld om vrouwelijke werknemers zoveel mogelijk te vervangen door mannelijke. Dat ging nogal ver!
poster van de RKSP voor de Nijmeegse Gemeenteraadsverkiezingen, 1935 (Wikipedia)
De Vrouwenbond van de partij reageerde verdeeld, maar slaagde erin om in 1935, dus een jaar na de brochure, toch met een advies komen. Dat advies kwam er kort door de bocht op neer dat vrouwen die werken geen zaak van de overheid was maar van werkgevers en werknemers. 

Aartsengel Romme

De Sleutelbos kwam een paar jaar later opnieuw flink in het nieuws. Minister Carl Romme was pas twee dagen Minister van Sociale Zaken (voorheen was deze Oirschotter Wethouder in Amsterdam), of hij diende al een voorontwerp voor een wet in dat begon met de omineuze zin Eene gehuwde vrouw mag geen arbeid verrichten. Hieraan was voor de zekerheid nog toegevoegd, om heidense ontsnappingsroutes af te dichten: Dit geldt eveneens ten aanzien van de vrouw, die in concubinaat leeft.

Carl Romme in 1921, op zijn 24e
De kleinburgerlijke moraliserende hypocrisie van dit voorstel, dat sterk de suggestie probeerde te wekken dat het voor der vrouwen eigen bestwil was, inspireerde Leo Jordaan, politiek tekenaar voor de Groene Amsterdammer, tot een geniale spotprent: de Engel Romme die gewapend met een vlammend zwaard de vrouwen terugjaagt het huis in (Paradijs genoemd), waar zwabber, emmer en naaimachine al klaarstaan.


"Aartsengel Romme tot de gehuwde vrouw: Vooruit, terug naar het Paradijs!"


plakband en punaises

Dat wetsontwerp was een gedrocht. Hoe moest er worden omgegaan met kostwinsters? Mochten die ook niet werken, en moest het gezin dan maar verhongeren? Of stel dat de (mannelijke) kostwinner maar een klein baantje had. Mocht de echtgenote dan niet een klein baantje erbij hebben om tot een aanvaardbaar bestaansminimum te komen? Hoe moest een en ander worden geadministreerd? Hoe moest het met kinderloze getrouwde vrouwen, waarom mochten die niet werken? Het ontwerp voorzag niet in antwoorden op dergelijke lastige vragen.

Knutselaar Romme had nog met de moed der wanhoop getracht om met touwtjes, plakband en punaises het wetsontwerp zodanig aan alle kanten te verbouwen dat het nog enigszins aansloot op de weerbarstige maatschappelijke realiteit. Het was en bleef echter een akelig broddelwerkje, eerder ingegeven door de amper verholen wens om de vrouw weer het huis in te jagen dan om het spook van de werkloosheid te bestrijden.

De Sleutelbos publiceerde vervolgens een lange Open Brief aan Romme. Hierin werd zijn ontwerp woord voor woord en zin voor zin koel-zakelijk aan flarden geschoten. Zowel van de morele als de praktische kant bleef weinig over. Onuitvoerbaar, werd nu voor bijna iedereen wel duidelijk. Kort daarna zou het dan ook worden ingetrokken. Niet door Romme zelf trouwens, maar door zijn opvolger, in een volgend Kabinet.


Open Brief van de Sleutelbos aan minister Romme, 1938 (Delpher)

De Open Brief van de Sleutelbos, in haar geheel op Delpher te lezen, eindigt met een zoetzuur excuus: 

Hadden wij een Katholieke Vrouw in de Tweede Kamer dan zouden wij eens met haar gepraat hebben en waarschijnlijk zouden wij deze zaak met vertrouwen aan haar overgelaten hebben. Nu wisten wij geen beter middel dan ons rechtstreeks tot Uwe Excellentie te wensen.

Check trouwens even de voorzijde rechtsboven van die Open Brief, hierboven. Deze komt uit de nalatenschap van de bekende feministe Annie ("Ank") Ruding-Fehmers (1910-2005).



Toetie!

Hadden wij een Katholieke Vrouw in de Kamer....! , verzuchtte de anonieme auteur van de brochure.
Had Toetie Feitz, die meid uit de vorige aflevering, haar ambities maar gevolgd. Dan was zij de politiek ingegaan. En wie weet was zij dan de Katholieke Vrouw geweest tot wie De Sleutelbos zich had gewend.

Kijk, daar zit Toetie, de tweede van links, zit ze te kaarten? Nog twee plaatsen verder zit Bep Damen. 
Ja dat weten we nou wel, Franki, kan dat eens stoppen? We kunnen die foto inmiddels dromen!
Maar wie is dat schattige meisje helemaal rechts eigenlijk?
Dat, beste lezer, is Jeanne Romme. Ja: de zus van Carl. Ik eet mijn hoed op als dat enorm dikke boek niet het wetboek is.


Redactie van Knoppen, 1921 (deel van een foto uit Bronnen van Leven door Aad Streefland)

Een deel van mijn informatie over De Sleutelbos komt uit het recent verschenen boek van Marieke Smit: In deugd en wijsheid groeien - Drie door zusters geleide meisjeslycea, 1914-1968.



=O=O=O=O=O=O=O=O=O=O=O=O=

Artikel in het blad van het KDC over de fantastische foto uit aflevering 14 staat hier.



Stijn Fens in Trouw over De Emmastraat Files:

"Prachtige geschiedschrijving. Achteruitdenken en voorzichtig omwoelen tot je meer weet."

Lees Stijns hele tot nadenken stemmende column, over het belang van de tijd nemen voor dingen, hier.


Artikel van Wim Keizer in Bibliotheekblad over De Emmastraat Files hier (pdf).



extra service:

Wilt u nieuwe afleveringen voortaan per mail ontvangen? Dat kan heel simpel. Zet in het vak bijna helemaal bovenaan deze pagina, waar nu Email address... staat, uw emailadres.
Staat dat vak er niet? Doe het dan even op een pc/laptop. Op sommige telefoons valt het weg.

Druk nu op de knop Submit rechts, en bevestig het bevestigingsmailtje wat er vervolgens in uw mailbox valt. Dat is alles!


Volgende keer: 32. De Emmastraat. Hier.
Vorige aflevering: 30. Toetie Feitz en het verborgen pad. Hier.


dinsdag 28 januari 2020

30. Toetie Feitz en het Verborgen Pad

30
D E    E M M A S T R A A T    F I L E S 

opkomst en ondergang van de RKOLB






30. Toetie Feitz en het Verborgen Pad

zeer korte samenvatting van het voorafgaande

Eerst, speciaal voor de lezers van de Emmastraat Files  die later hebben ingeschakeld, een ultrakorte samenvatting van het voorafgaande. Wie ook een zintuigelijke totaalervaring wil beleven, kan zich toch het beste even onderdompelen in de eerste negentwintig afleveringen, te beginnen bij de inleiding. Er bestaat nog meer dan feiten.


Dit blog is een poging om de verloren geschiedenis van de rooms-katholieke Openbare Bibliotheek Amsterdam te reconstrueren, zo goed en zo kwaad als dat kan. Uitgangspunt is een klein stapeltje brieven, foto's en andere documenten die iemand zo'n tien jaar geleden in een vuilnisbak aantrof en naar mij bracht.


Een paar invloedrijke jezuïeten richtten in 1930 het eerste filiaal van de RKOLB op, en zegenden het in zoals alleen katholieken dat konden. Plaats: de Jacob Obrechtstraat in Amsterdam-Zuid, onder de vleugels van Onze Lieve Vrouw van de Allerheiligste Rozenkrans, beter bekend als de Obrechtkerk. De hoofdvestiging volgde een jaar later aan de Herengracht. 

Vanaf het begin was het plan om een netwerk van RKOLB's op te richten, met filialen niet alleen in de betere buurten maar ook in de volkswijken. Alleen zo kon ook de katholieke arbeider worden bereikt. Desnoods moest hij worden losgeweekt van de heidense maar succesvolle OLB, die elf jaar eerder was opgericht. 
Zou men in deze opzet gaan slagen? We weten het nog niet. Wél weten we inmiddels dat dit eerste filiaal in de Obrechtstraat uit zijn krachten begon te groeien, zo goed liep het.

Directrice van de RKOLB was Bep Damen, geboren op de Prinsengracht op 11 november 1902. Bep was als schoolmeisje nog redactielid geweest van Knoppen. Dat was de schoolkrant van de kort daarvoor gestichte RK HBS voor Meisjes, later hernoemd tot het Fons Vitae, een school op niveau voor meisjes van de betere stand. Knoppen blijkt gaandeweg dit blog een onmisbaar hulpmiddel te zijn om inzicht te krijgen in het rooms-katholieke leven in Amsterdam in de jaren 30, en de positie van de RKOLB hierin. Dit alles met name vanuit het vrouwelijk perspectief. Ook deze aflevering zal dat blijken.


Einde samenvatting.


blikken feest 

We springen Knoppen weer in, jaargang 1, 1921.
U herinnert zich onderstaand groepsportret nog wel: de eerste redactie van Knoppen. Wat een perfecte compositie. Plaats: de tuin van de RK HBS voor Meisjes, het latere Fons Vitae, dan nog in de Vondelstraat. Derde van rechts is Bep Damen. Herkent u dat sympathieke koppie inmiddels? Wat Bep hier nog niet weet: over precies tien jaar zal ze directrice van de RKOLB zijn.

de redactie van Knoppen, 1921 [Delpher]
Kijk nu eens goed naar de tweede van links, die met die ketting om. Dat is Toetie Feitz.

Toetie is een zelfbewuste, ambitieuze meid. Ze timmert flink aan de weg. Meteen al in het allereerste nummer van Knoppen zet ze zichzelf op de kaart met een levendige reportage over het Blikken Feest van het Fons Vitae, dat net had plaatsgevonden. Blikken Feest? Ja: blik staat voor 6 jaar en drie maanden, precies een kwart dus van een gouden jubileum. Bij die reportage een fantastische foto van een van de tableaux vivants die bij die gelegenheid waren vertoond. Op de foto het tableau dat de toekomst moet voorstellen.

Knoppen jaargang 1 nummer 1, 1921 (Delpher)

Het lijkt op het eerste gezicht op een lollig verkleedpartijtje, maar heel diep achter al die kostuums gaat een dodelijke ernst schuil. De meiden hebben zich uitgedost als beoefenaars van beroepen waar je voor moet hebben doorgeleerd: als architect, advocaat, tandarts (met patiënt), arts, als wiskundige. 


de originele foto, gepubliceerd in het boek Bronnen van Leven van Aad Streefland
Onder de originele foto heeft iemand later gekliederd:
Hoe de internen op 't blikken feest zich hun toekomst dachten.

Wie slaagt erin om het woord helemaal links onderaan te ontcijferen? Laat het me weten!
Toetie zelf draagt een groot sandwichbord om haar nek. Hierop staat:

Kiesers,
Steunt de Katholieke Partij.
Kiest Dr. Feitz!

detail met Toetie.  Rechts: een tandartspatient. Links: een zuster en  daarachter een architect.
Een katholieke partij, dat dan weer wel. Wat een toekomstverlangen, wat een ambitie spreekt uit deze foto en uit het bijbehorende verslag van Toetie. Wij vrouwen hoeven niet onder te doen voor mannen!, schreeuwt het tableau. Ook wij willen dokter worden, architect, jurist, politicus! Dit tableau vivant lijkt wel een statement, of is dat misschien ook wel. Ongetwijfeld kwamen de andere tableaux ook op de foto, maar het is deze die werd geselecteerd voor publicatie in Knoppen.


een volwassen stuk

Een paar maanden later verschijnt nummer 2 van Knoppen. Hierin opnieuw een artikel van Toetie. Een heel volwassen stuk ook voor een meid van 18: De vrouw in de hedendaagsche Maatschappij. Het staat in zijn geheel onderaan deze pagina. Zo begint het:


Eerste alinea's van De Vrouw in de hedendaagscha Maatschapij van Toetie Feitz, Knoppen 1921 [Delpher]
Vrouwen namen tegenwoordig geen genoegen meer met een leven dat bestond uit kopjes wasschen, handwerken en pianospelen, zo begint Toetie. Ze begonnen te ontwaken, ontwikkelden zelfvertrouwen, en ontdekten dat het bekrompen vrouwenverstand toch eigenlijk zoo bekrompen niet was.

Het gevolg: vrouwen gingen langer naar school, ze gingen studeren, ze verdiepten zich in maatschappelijke zaken. Én ze eisten kiesrecht, wat ze uiteindelijk (slechts twee jaar eerder, in 1919) ook kregen.
Ook volwassen dochters zaten niet meer met een handwerkje voor het raam te wachten of er soms een jonge ridder komt die ze verlossen zal uit dat werklooze leven, nee, ze gingen zelf op zoek naar een werkkring. Ze gingen zoeken naar een manier om zich nuttig te maken voor de maatschappij.

Lekker op dreef, Toetie! denkt de lezer van anno twintig twintig instemmend, al lezend op zijn tablet in zijn luie stoel. Ok, het is allemaal misschien een tikkeltje elitair, Toeties actieradius reikt niet verder dan haar eigen milieu. Nog niet. Maar goed zo, meid, ga zo door, de revolutie moet toch ergens beginnen. Waarom dan niet bij jou? De beuk erin, op de barricades!

Maar dan, de laatste alinea's. 

't Is goed dat de vrouwen zich nuttig maken [....] maar velen der werkende vrouwen gaan te ver.
[.....] Zij mogen toch niet vergeten, dat een vrouw een vrouw is en een vrouw moet blijven, met een vrouwelijk karakter, [....] dat God, die èn man, èn vrouw geschapen heeft, de laatste onderdanig heeft gesteld aan den man.

Wat een koude douche! En dat in het Wilhelmina Drucker-tijdperk. Je vraagt je onwillekeurig af of zuster Xaverina, de directrice van de school, deze regels op het laatst nog even heeft gedicteerd terwijl ze pal achter Toetie stond, dreigend om hard in haar oorlel te knijpen.

In een eerdere aflevering, Vrouwen die trouwen, had ik mijn 21e-eeuwse verbazing al uitgesproken over deze visie op de vrouw, aldaar geventileerd door Prof. van de Burg:

verslag van een lezing van Prof. van der Burg, 1922 in Knoppen (Delpher)
Al het goede komt van de vrouw, maar al het kwade is haar schuld. Heerlijke voldoening en vreeselijke verantwoording tevens.


Huiselijk Geluk

Proberen we het artikel van Toetie over de moderne vrouw en haar verslag van het Blikken Feest in elkaar te schuiven, dan lijkt de conclusie schizofreen niet overdreven: het schuurt en het wringt. Ga maar na: de meiden zitten op een eliteschool waar prima onderwijs wordt gegeven. Openlijk dromen ze ervan om zich daarna verder te ontwikkelen in beroepen die standaard door mannen worden beoefend. 
Tegelijk zijn ze ervan doordrongen dat een vrouw haar plaats moet weten: onder de man, en wel in het huwelijk.

Gewillige onderdanigheid is geen verlaging der vrouw, maar zelfverloochening dus verheffing, en daarenboven de zekerste weg naar het vaak verborgen pad van het Huiselijk Geluk,

goochelt de vroeg-wijze Toetie tot slot nog op Lubberiaanse wijze in een poging om de lezeres te troosten. Trouwen, kinderen baren en thuisblijven dus; niks architect of dokter worden, laat staan politicus.

Niet trouwen was uiteraard ook een optie. Wie niet trouwde kon al die dingen alsnog worden (of bibliothecaresse), maar werkende (ongehuwde) vrouwen stonden toch echt wel een treetje lager op de maatschappelijke ladder dan getrouwde vrouwen. Niet voor niets duidde men de ongehuwde vrouw in die tijd wel aan als incomplete vrouw. Daar moet je nu eens mee komen.


Ontdekt Toetie het Verborgen Pad?

En? Ging de zelfbewuste Toetie Feitz haar ambities waarmaken toen ze eenmaal haar school had afgemaakt? Werd ze politica, richtte ze een politieke partij op? Ging ze naar Den Haag?

Niet echt, verder dan Bussum zou ze niet komen. Toetie was echt een kanjer op het gebied van zelfverloochening. Al binnen een paar maanden nadat ze haar diploma had gehaald op de RK HBS voor Meisjes, ontdekte ze ergens achter het struikgewas de ingang van het verborgen pad van het Huiselijk Geluk.

Ze verloofde zich met Joop Bredius, een jonge Meester in de Rechten. Het jaar daarop trouwden ze. Het stel ging wonen in een fraai pand in Bussum. Nog ruim voor het uitbreken van de oorlog had Toetie zeven kinderen (Amalia, Janneke, Maria, Pieter, Gijsbert, Frans en Treesje) bij elkaar gebaard. Voor het oprichten van een politieke partij zal ze handen tekort zijn gekomen. Zelfs met hulp van een R.K. huishoudster én een kinderhulp.


Advertentie, 1937 (Delpher)

Toetie Feitz, lieve Moeder en onvergetelijke Oma, overleed in 1980, 77 jaar oud.




Hieronder het gehele artikel van Toetie in Knoppen, 1921.



Toetie Feitz: De Vrouw in de hedendaagscha Maatschapij, Knoppen 1921 [Delpher]

=O=O=O=O=O=O=O=O=O=O=O=O=

Artikel in het blad van het KDC over de fantastische foto uit aflevering 14 staat hier.



Stijn Fens in Trouw over De Emmastraat Files:

"Prachtige geschiedschrijving. Achteruitdenken en voorzichtig omwoelen tot je meer weet."

Lees Stijns hele tot nadenken stemmende column, over het belang van de tijd nemen voor dingen, hier.


Artikel van Wim Keizer in Bibliotheekblad over De Emmastraat Files hier (pdf).



extra service:

Wilt u nieuwe afleveringen voortaan per mail ontvangen? Dat kan heel simpel. Zet in het vak bijna helemaal bovenaan deze pagina, waar nu Email address... staat, uw emailadres.
Staat dat vak er niet? Doe het dan even op een pc/laptop. Op sommige telefoons valt het weg.

Druk nu op de knop Submit rechts, en bevestig het bevestigingsmailtje wat er vervolgens in uw mailbox valt. Dat is alles!



Volgende keer: 31. Waarom wij werken hier.
Vorige aflevering: 29. Werkzaamheden (3) hier.